Een systeemsprong voor de spoorsector – Programma ERTMS sluit aan

30-03-2017
Florence Tonk

ERTMS is een samenwerkingsverband van ProRail, NS en ministerie van Infrastructuur en Milieu, en sluit zich aan bij Neerlands diep. Programmadirecteur Wim Fabries en contractmanager Willem de Graaf beantwoorden vragen als: Wat willen ze bespreken in het netwerk? Wat willen ze leren van anderen? En wat kunnen wij leren van dit omvangrijke spoorvernieuwingsprogramma? Een programma dat ‘Brownfield’ moet werken, ofwel vernieuwen in een werkende omgeving. Kortom, een complexe operatie: “Samen is de enige manier.”

Wim Fabries (links) en Willem de Graaf (rechts) Foto: Jorrit ‘t Hoen

Over het project

ERTMS is een programma met als status ‘Groot Project.’ De afkorting staat voor European Rail Traffic Management System. Dit nieuwe systeem wordt in plaats van het verouderde ATB-systeem geplaatst op de belangrijkste spoortrajecten in Nederland, en zal op den duur het hele oude systeem vervangen. Daar komen veel zaken bij kijken, waaronder een aanpassing van het materieel (de treinen), opleiden van machinisten en verkeersleiding, en aanpassingen aan het spoor. ERTMS is veiliger, vergemakkelijkt treinverkeer over landgrenzen en maakt de benutting van het bestaande spoornetwerk efficiënter. Het maakt kortere reistijden mogelijk vanwege hogere snelheden en met ERTMS passen er meer treinen op het spoor.

Even voorstellen

Wim Fabries (programmadirecteur) werkte vijftien jaar voor de Nederlandse Spoorwegen, onder meer als directeur vervoer. Hij kwam in 2014 aan boord als programmadirecteur van ERTMS en is gedetacheerd vanuit de NS naar het ministerie van IenM. “Men wilde voor dit programma een directeur uit de spoorsector.”

 

 

Willem de Graaf (contractmanager) werkt sinds het voorjaar van 2016 bij ERTMS. Hij is vanuit Rijkswaterstaat gedetacheerd naar het ministerie van IenM. In de afgelopen vijftien jaar werkte hij bij RWS onder meer aan automatisering langs de snelwegen en systeemintegratie “van lus tot lessenaar.”

Wat maakt dit programma bijzonder?

Wim Fabries: “De invoering van ERTMS gaat een systeemsprong voor de spoorsector opleveren zonder dat reizigers, of andere buitenstaanders dat in de gaten zullen hebben. De oorsprong lag in een aanbeveling van de commissie Kuiken. Die zei dat als je stappen wilt maken op het spoor, er een ander systeem nodig is.” Het huidige ATB-systeem werkt met seinen en stamt nog uit de jaren 50 en 60 van de vorige eeuw, legt Willem de Graaf uit. “ERTMS biedt veel meer mogelijkheden. Ten eerste meer veiligheid, ten tweede kan er straks sneller op het spoor worden gereden, de capaciteit wordt vergroot omdat treinen dichter op elkaar kunnen rijden en het is inter-operabel, wat betekent dat het eenvoudiger door internationale vervoerders kan worden gebruikt.” Op dit moment zitten ze in de planuitwerkingsfase. Wim: “We zijn alles aan het toetsen aan de vijf doelen die Willem net opsomde. Maar naast een vernieuwing met een systeemsprong, is het ook een platte vervangingsfase. Het ATB-systeem is verouderd. Misschien is het meest bijzondere aan dit programma nog wel dat we een nieuw systeem in de oude, bestaande omgeving moeten inbouwen. Dat is behoorlijk complex.”

Wat is jullie grootste uitdaging?

“De samenwerking tussen drie partijen, het ministerie, de NS en ProRail. Die zijn ieder gewend om het werk op de eigen manier te doen,” aldus Willem. “ERTMS is niet iets dat je in een paar jaar kunt doen, het is écht een programma dat je corridor voor corridor moet aanpakken. Dat is meeveren met de ervaringen die je opdoet en ook met voortschrijdend inzicht. Daarbij moet je elkaar iedere keer weer weten te vinden.” Wim: “Je kunt het alleen goed doen, als je het ook écht samen doet. Als ik ergens van overtuigd ben, dan is het dit: samen is de enige manier. Dat vereist veel afstemming, overleg en soms meegeven. Het zijn drie heel verschillende culturen die samen moeten werken.”

Wat is hét woord, of dé zin die bij dit project past?

Willem noemt meteen de term brownfield, een begrip uit de procesindustrie dat refereert aan (ver)bouwen binnen een werkende omgeving. “Wij veranderen het spoorsysteem in een rijdende omgeving. Dat is echt wat anders dan bij een snelweg die je af en toe voor een deel kunt afsluiten.  Alles moet over die twee sporen, dus ga je werken met buitendienststellingen, ‘s nachts en in het weekend.” Ze hebben geen andere keus, legt Wim uit. “Als het zou kunnen zouden we greenfield gaan bouwen, zoals dat is gedaan bij de HSL en de Betuwelijn. Maar je kunt simpelweg geen compleet nieuw beveiligingssysteem naast het oude neerleggen. Achter een sein zit een heel operationeel systeem, de meeste mensen beseffen dat niet. Daarom voeren we eerst de verandering door in het materieel. Door alle treinen met een dubbel systeem – het huidige ATB-systeem en het nieuwe ERTMS-systeem – uit te rusten kunnen ze straks over het oude en nieuwe spoorsysteem rijden. Dat is goedkoper dan de infrastructuur met twee systemen uit te rusten.”

Waarom treden jullie toe tot Neerlands diep?

Vanwege de verbinding met andere complexe projecten, aldus Willem. “Ons programma is technisch complex, maar ook qua samenwerking best ingewikkeld. We willen daar graag met anderen over praten. Hoe pak je dit aan? Hoe beheers je dat? En natuurlijk willen we van elkaar leren.”

Belangrijk onderwerp voor ERTMS is de governance in de volgende fase, daar houdt Willem zich mee bezig. Wim: “De governance zou ik graag met andere projecten willen bespreken. Wat kunnen we van hen leren? We hebben onlangs een review laten doen met o.a. de projectdirecteur van het project A2 Maastricht. We zijn in Denemarken gaan kijken, waar ERTMS ook wordt ingevoerd. De Denen lopen tenminste vijf jaar voor op Nederland dus dat is heel waardevol. Als je bij anderen gaat kijken zie je hoe iets anders kan, maar bevestiging krijgen is ook erg fijn.”

In Denemarken zagen ze de testomgeving voor ERTMS in gebruik, vertelt Willem. “Dat waren heel veel mensen met heel veel apparatuur bij elkaar. Die enorme schaal maakte het tastbaar en dat is belangrijk want tot nu toe gebeurde alles hier nog op papier. In Denemarken zagen we dat het echt een uitrolfabriek wordt, van spoor naar spoor. Alle machinisten moeten een nieuwe opleiding volgen en daar tijd voor vrijmaken in hun schema’s.” Daarom juicht Wim ook de internationale activiteiten binnen Neerlands diep toe: “Wat wij doen gebeurt maar op een paar plekken in Europa. Zo’n werkbezoek geeft veel focus en maakt het werk heel concreet.”

Wat zou je graag van andere projecten willen weten? Met andere woorden: wat willen jullie uit het netwerk halen?

Wim heeft al een aantal vragen en onderwerpen bedacht: “Hoe ga je om met de bestuurlijke omgeving? Hoe regel je de governance? Wat kunnen anderen ons leren op gebied van omgevingsmanagement en communicatie? Op dit moment zijn we met de planuitwerking nog erg naar binnen gericht maar daar zal snel verandering in komen.”

Willem beschouwt de communicatie als een uitdaging. “Daar zou ik graag met anderen over willen sparren. De urgentie van ERTMS is best lastig uit te leggen: wat zijn wij aan het doen? De beveiliging van het spoor is iets waar mensen weinig van merken. We hebben zelfs nu nog één van de meest veilige spoorsystemen van Europa. Waarom moet dit dan toch vernieuwd worden? Wij faciliteren straks de vervoerders die door dit nieuwe systeem sneller kunnen gaan rijden en meer treinen kunnen inzetten. Als zij dat willen. Het gaat voor gebruikers van het spoor voordelen opleveren, maar het blijft vrij abstract.” Wim beaamt dit: “We hebben al een goed en veilig systeem, heel anders dan in België waar duidelijk een inhaalslag gemaakt moet worden. Onze business case is lastiger te maken. We zijn vooral facilitators voor anderen, die kunnen straks met de resultaten pronken.”

Welke lessen verwachten jullie te leren in dit project?

“Voor de spoorsector doen we veel ervaring op met gestructureerd toewerken naar programmabeslissingen,” aldus Wim. “We hebben een zeer methodische aanpak om tot besluiten te komen. Daar kunnen we wel wat over vertellen.”

Willem ziet dat ze veel aan het leren zijn over systeemintegratie tussen infra en materieel. “Dat is hier cruciaal. Er zijn zo verschrikkelijk veel systemen die met elkaar moeten kunnen communiceren.” Ook leert dit team veel over samenwerken. Wim: “De problematiek van samenwerken in de spoorsector zie je bij ons in het klein terug. Ik zeg niet dat we straks de wijsheid in pacht hebben maar het is goed, en ook leuk om hierover met anderen van gedachte wisselen.”

Wat is jullie grootste ambitie voor dit programma?

Willem: “Dit programma raakt alles, tot in het hart van het spoorbedrijf. Wat er nu al dagelijks op het spoor gebeurt is elke keer weer een topprestatie maar alleen als er iets fout gaat staat het in de krant. We streven naar omgebouwd materieel met tien omgebouwde corridors, omgeschoolde machinisten, met een naadloze overgang én de performance op die trajecten. Als we daarin slagen hebben we die ambitie waargemaakt. Daarna zullen de resterende corridors volgen. Eigenlijk wil je dit doen zonder dat iemand het merkt. Daarom vind ik die uitwisseling op gebied van communicatie zo belangrijk binnen Neerlands diep. Hoe vertel je dit aan mensen? Hoe zorg je voor een goed verhaal?”

Geef je reactie

Serious gaming bij de Noord/Zuidlijn; spelen alsof het echt is

22-06-2017

Oefenen alsof het al helemaal echt is: afgelopen maanden werd realtime het proces tot indienststellen van de Noord/Zuidlijn gesimuleerd. Ze delen de lessen van deze ‘game’. Wat kunnen we leren van deze manier van testen? En wat zou er volgende keer anders moeten? Initiatiefnemers Kirsten Teulen en Jan-Peter Lourens vertellen.

De invloed van de lijnorganisatie op samenwerking OG-ON

14-06-2017

Anders samenwerken met de markt is een van de belangrijkste thema’s bij Neerlands diep. Het zit sterk verweven door de individuele programma’s en teamactiviteiten. Op 27 juni organiseren we een Nd Webinar over de samenwerking van opdrachtgever Gerard Scheffrahn en opdrachtnemer Harold van Steeg bij project Noord/Zuidlijn, en dan specifiek over de invloed van de lijnorganisaties op die samenwerking. Want hoe groot is de invloed van de lijnorganisatie eigenlijk, en waar bevordert en waar belemmert die de samenwerking?

Marker Wadden bewandelt olifantenpaadjes bij Nd Topics: ‘We hebben risicogericht gewerkt’

8-06-2017

Als je af en toe de gangbare paden verlaat, kun je grote resultaten behalen. Dat is de les van het project Marker Wadden, dat Rijkswaterstaat en Natuurmonumenten samen uitvoeren. Niet alleen de nauwe samenwerking tussen een publieke uitvoeringsorganisatie een gedreven belangenorganisatie is uniek. Het projectteam durft ook procedures, formats en mores los te laten, zo blijkt tijdens een boeiende Nd Topics in Zeist