Hoogwaterbeschermingsprogramma

Dijken, dammen, duinen, sluizen en gemalen beschermen Nederland tegen overstromingen vanuit de grote rivieren, de meren, de Noordzee en de Waddenzee. Omdat Nederland nooit klaar is met het werken aan waterveiligheid en we een ramp voor willen zijn, hanteren we strenge veiligheidsnormen voor onze waterkeringen. In rondes worden de primaire waterkeringen getoetst op de wettelijke waterveiligheidsnormen.

Vierhuizergat

Vierhuizergat

Het landelijk Hoogwaterbeschermingsprogramma, onderdeel van het Deltaprogramma, staat de komende jaren dus aan de lat voor de grootste dijkversterkingsoperatie ooit. Meer dan 1100 kilometer aan dijken en 256 sluizen en gemalen moeten tot 2028 worden aangepakt. Verspreid over 300 projecten in heel Nederland, langs de kust, de grote rivieren en meren. Het Hoogwaterbeschermingsprogramma trekt voor deze dijkversterkingsoperatie 7,4 miljard euro uit. Het programma is een samenwerking tussen Rijkswaterstaat en de waterschappen.

Uitdagingen project

Het Hoogwaterbeschermingsprogramma bestaat uit projecten, die voor het leeuwendeel worden uitgevoerd door de waterschappen. Programmadirecteuren Roeland Hillen en Richard Jorissen hebben beiden te maken met het samenspel tussen de waterschappen en het programmabureau. ‘Al die kilometers en projecten op een slimmere en innovatieve manier sterker te maken, met minder geld én op tijd is een uitdagende opgave’. Door krachtenbundeling binnen de alliantie van waterschappen en Rijkswaterstaat wordt een grote professionaliseringsslag gemaakt in deze complexe waterveiligheidsopgave. Het bestuursakkoord Water uit 2011 is de oorsprong van de alliantie. De waterschappen en Rijkswaterstaat zijn sindsdien steeds meer gericht op samenwerking in de bescherming tegen hoogwater. ‘De gedeelde ambitie is de motor van de alliantie’.

Waarom bij Neerlands diep?

Jorissen: “Grote projecten moeten steeds sneller en slimmer. Ook al vanwege de uitstroom van de babyboomgeneratie, wordt het urgenter om kennis te delen en om te professionaliseren, door te spiegelen en door op te leiden.” Hillen benadrukt dat overheden onderling veel van elkaar te leren hebben. “Bijvoorbeeld de waterschappen zijn sterk in beheer en omgevingsmanagement, zij weten precies wat er in de regio speelt. Rijkswaterstaat heeft veel ervaring met projectmanagement. Neerlands diep is een prima platform om die kennis uit te wisselen. Ook binnen overheden zie je meer kennisdeling. Bij Rijkswaterstaat bijvoorbeeld worden meer en meer projecten ondergebracht in een programma, bijvoorbeeld voor sluizen of stalen bruggen. Als overheid kun je de markt efficiënter benaderen met grotere eenheden.”

Hoe zetten jullie het netwerk in?

Hillen: “Als programma werk je als ‘paraplu’ samen met de waterschappen aan een groot aantal verschillende projecten. En dat moet uiteraard in goed overleg gaan. In Neerlands diep hebben we met andere programma’s o.a. de ervaringen gedeeld rond het thema projectsturing versus programmasturing.” Jorissen is binnen het netwerk op zoek naar ervaring met management van programma’s die niet in beton zijn gegoten. “Onze richting is duidelijk, maar niet gedefinieerd in vaste mijlpalen. Wij moeten rekening houden met toekomstige besluiten. Voor zo’n programma-aanpak in stappen kijk ik met belangstelling naar het ERTMS-project van de Betuweroute.”

Planning

Van de 87 projecten van het tweede Hoogwaterbeschermingsprogramma zijn – begin 2016 – 70 gereed, 13 zitten in de realisatiefase en 4 in de planstudie. Hillen: “Eind 2017 zijn op 5 na alle projecten afgerond.” Het Hoogwaterbeschermingsprogramma is net gestart met de uitvoeringsfase. In 2050 moeten alle waterkeringen die de derde toetsronde niet doorstonden weer toekomstbestendig zijn.

Meer informatie

Meer informatie over het Hoogwaterbeschermingsprogramma is hier te vinden: www.hoogwaterbeschermingsprogramma.nl.