Jaap Balkenende van ProRail: “Kennis van de inhoud is belangrijk in dit vak.”

31-03-2016
Florence Tonk

Jaap Balkenende is een doorgewinterde projectmanager met decennialange ervaring op grote, complexe projecten van ProRail. Paradepaardjes uit zijn portfolio zijn onder meer de Betuweroute, “de mooiste tijd uit mijn carrière”, en de Hanzelijn. Op dit moment schakelt hij tussen twee grote projecten die beiden dit jaar in gebruik worden genomen: OV-SAAL (tussen Hoofddorp en Duivendrecht) en Doorstroom Station Utrecht (DSSU). Een gesprek over nieuwe, lastige, trends binnen de aannemerij, over het belang van de inhoud, projectbeheersing, gevoel voor de omgeving en autonomie.

Jaap Balkenende met achter hem de sporen bij station Utrecht. Foto door Jorrit 't Hoen.

Jaap Balkenende met achter hem de sporen bij station Utrecht. Foto door Jorrit ‘t Hoen.

De deur van zijn kantoor op de zevende verdieping, aan het Jaarbeursplein in Utrecht, staat al open als de interviewer arriveert. Eigenlijk is dat altijd zo, vertelt Jaap Balkenende. Hij houdt niet van ellenlange vergaderingen maar is toegankelijk; iedereen kan binnenlopen. Hij vindt makkelijk aansluiting bij mensen, zal hij later in het gesprek toelichten. Of het nu gaat om een werkman langs het spoor, een onteigende boer langs de Betuweroute, of om de Raad van Bestuur van een grote aannemer, hij kan met iedereen praten. “Wat helpt is dat ik ontzettend veel vertrouwen krijg van mijn leidinggevenden,” zegt hij hierover. Als projectmanager krijgt hij de ruimte. Dat heeft ook met zijn staat van dienst en zijn senioriteit te maken, geeft hij toe. Autonomie in zijn werk is wezenlijk voor Jaap. “Als ik dat niet heb, dan ga ik er wel voor zorgen dat ik het krijg. Iedereen heeft z’n drijfveren en dit is er voor mij een van. Als ik niet genoeg ruimte en vrijheid krijg om mijn dingen te doen, merk ik dat ik kriegelig word.”

‘De aannemerspyramide’

Er is een specifiek thema waar hij het in dit interview met Neerlands diep graag over wil hebben. Ook omdat hij dit liefst verder wil bespreken met andere projectmanagers bij de overheid, zoals de collega’s bij Rijkswaterstaat. Dit thema noemt hij zelf ‘de aannemerspyramide’, een tendens binnen de aannemerij om steeds meer onderdelen van de organisatie én de uitvoering uit te besteden. Zodat er soms wel vier-vijf lagen onderaannemers ontstaan. “Voorheen deden grote aannemers een belangrijk deel van het werk zelf, met onderaannemers voor gespecialiseerd werk. Dat verandert nu razendsnel. Hoofdaannemers besteden steeds meer uit, de onderaannemers doen dat op hun beurt ook. Uiteindelijk wordt het werk gedaan door zzp’ers voor drie tientjes per uur, terwijl wij vijfenveertig euro betalen. Het verschil wordt afgeroomd door alle managementlagen en organisaties daartussen.”

‘Race to the bottom’

Deze trend vindt Jaap Balkenende onwenselijk in meerdere opzichten. Vanuit het idee van maatschappelijk verantwoord ondernemen is het niet goed om aan de onderkant van de arbeidsmarkt, bij de zzp’ers, een ‘race to the bottom’ te laten ontstaan. “Als overheidsopdrachtgever moeten we daaraan niet willen meewerken. De vele partijen tussen de opdrachtgever en de mensen die het werk uiteindelijk uitvoeren komt de kwaliteit van het werk en de flexibiliteit bij het doorvoeren van wijzigingen en optimalisaties niet ten goede. Zelf wil ik mijn badkamer ook niet laten verbouwen door vijf managers en een zzp’er.” Toch groeit deze trend in een razend tempo. “Het spoorwerk, bovenleidingen aanleggen, of werk aan beveiligingsinstallaties werd historisch gezien veelal door de spooraannemers zelf gedaan. Inmiddels is meer dan de helft van de mensen in een project niet langer in dienst van het bedrijf aan wie wij het werk hebben opgedragen. Er zijn voorbeelden waarbij de hoofdaannemer alleen nog maar de rol van managing contractor vervult.”

Wat doet de markt?

Jaap ziet zeker positieve kanten aan het overlaten van bouwmanagement aan de markt. Toch is hij van mening dat opdrachtgevers bij de overheid te laat zijn met het signaleren van, en reageren op, deze nieuwe ontwikkeling. “We komen uit een tijd waarin er enorme drang is geweest richting markt. Inmiddels zit de opdrachtgever meer op afstand maar daardoor hebben we onvoldoende in de gaten hoe die markt zich ontwikkeld. Daar ligt mijns inziens een belangrijke taak voor de opdrachtgevers.” Hij neemt het de aannemers zelf niet kwalijk en begrijpt dat de marktsituatie van de laatste jaren een sterke druk heeft gegeven om de bakens te verzetten. “Er zit een ratio achter deze tendens. Door een hoog risicoprofiel voor aannemers bij aanbestedingen is een verantwoorde bedrijfsvoering moeilijker te realiseren. Wij hebben grote partijen nodig om grote projecten te managen en uit te voeren. Er is ook niets mis met onderaannemers. Waar het verkeerd gaat, is als ook het bouwmanagement wordt doorbesteed en de hoofdaannemer zelf geen waarde meer toevoegt aan het organiseren van het werk zelf. Het is wat gechargeerd neergezet maar ik zie dat deze tendens zich in hoog tempo voltrekt. Ik ben nog niet klaar met mijn analyse en ben benieuwd of collega’s deze ontwikkeling herkennen en hoe zij dit ervaren. Daar zou ik graag over verder praten.”

Veel knoppen om aan te draaien

Projectbeheersing vormt een van de pijlers onder zijn reputatie als projectmanager. En dat is een van de aspecten die onder druk komen te staan door deze trend. “Nu hebben we vaak nog budgetruimte omdat de prijzen laag zijn. Maar als de markt aantrekt gaan de prijzen stijgen en dan is het nog maar afwachten.” Toch hoeven projectmanagers bij de overheid niet met de handen op de rug toe te kijken hoe de markt verandert, benadrukt Jaap. “Er zijn veel knoppen waar we aan kunnen draaien om de situatie te beïnvloeden. Zo moeten onderaannemers nog steeds ter goedkeuring worden voorgelegd aan de opdrachtgever. Daar doen we te weinig mee. We kijken of ze het benodigde certificaat hebben maar voor de rest kijken we onvoldoende naar wie zij vervolgens weer inhuren en hoe ze het werk organiseren. Voor contractering zou je daar eerst een gesprek over kunnen voeren. Je kunt ook eisen stellen in de selectieleidraad voor een contract. Zo wordt bijvoorbeeld in Zweden een EMVI-criterium gekoppeld aan de mate waarin de aannemer het werk uitvoert met eigen mensen en middelen. Ook de omvang van contracten kun je heroverwegen. Daar kun je als opdrachtgever bewust keuzes in maken.”

 

De sporen bij Utrecht Lunetten vanuit de lucht gezien. Onderin de A27. Foto: ProRail.

De sporen bij Utrecht Lunetten vanuit de lucht gezien. Onderin de A27. Foto: ProRail.

Spannend jaar

Waar staat hij nu met OV SAAL en DSSU? En hoe speelt hij het klaar om twee zulke grote en complexe projecten tegelijkertijd te managen? “Er zijn natuurlijk professionele teams mee bezig en die draaien goed. Dit jaar is het meest spannende jaar voor beide projecten omdat beide trajecten in het laatste kwartaal van 2016 in dienst worden genomen. Dit jaar hebben we op DSSU extreem veel langdurige buitendienststellingen, in de weekenden en vakantieperioden. Dat heeft veel impact op de reiziger en het zijn hele intensieve perioden voor ons en de aannemers. Die moeten alle zeilen bijzetten om hun gespecialiseerde mensen te mobiliseren.”

Hands-on

Dan is er ook nog het werk aan OV SAAL langs de Zuidas? “De twee allianties aan de Zuidas werken in hoge mate zelfstandig en lopen nu prima. We hebben een periode gehad waarin het moeizamer liep, ook wat betreft de financiën. Er zijn ingrijpende scopewijzigingen geweest en er was onduidelijkheid in de scope. ProRail besloot na de contractonderhandelingen tot een ander systeem voor het treinverkeer: ‘het robuuste spoor’ met minder wissels want die zijn storingsgevoelig. Het duurde ruim anderhalf jaar voordat we de projectscope weer stabiel hadden.” Ook moest er een nieuw ontwerp komen op basis van de nieuwe ontwerpuitgangspunten. Toen de nieuwe scope te lang op zich liet wachten tekende Jaap zelf op een avond voor kerst een sporenschema gebaseerd op de nieuwe ontwerpuitgangspunten. Hij was het wachten moe. “Dan word ik inventief en hands-on.” Die praktische instelling vormt een rode draad in zijn carrière.

Versnellingsmaatregelen

Toen het nieuwe plan voor OV SAAL er lag, ging hij er een jaar tussenuit om bij ProRail intern een veranderprogramma te leiden. “Vervolgens werd er op OV SAAL een groot budgettekort gerapporteerd. Dat sloeg in als een bom. Ze hebben mij toen gevraagd of ik het weer wilde gaan leiden. Inmiddels zitten we weer binnen budget. We hebben alle vertraging met versnellingsmaatregelen opgelost zodat we ook weer binnen de planningsmijlpalen van het contract zaten. Er is zeker een half jaar intensief onderhandeld met een speciaal hiertoe ingericht team en de aannemers om de meerwerkclaims weer tot acceptabele proporties terug te krijgen.”

 

Dive under richting Utrecht Centraal. Foto: ProRail

Dive under richting Utrecht Centraal. Foto: ProRail

Verplaatsen in de ander

Uit projecten als de Betuweroute, en de Hanzelijn nam hij mee hoe belangrijk het is om je te kunnen verplaatsen in de ander. Ook bij felle weerstand van omwonenden, gemeenten en publieke opinie. “Wij gingen heel netjes met mensen om, ook als ze tegen waren. Dat werd uiteindelijk gewaardeerd. Dit speelde laatst opnieuw langs de Zuidas waar we een palenmatras moesten aanleggen. Vlakbij zitten volkstuinders die ervan baalden dat ze een zomer lang in de herrie moesten tuinieren. We hebben de planning zodanig aangepast dat het heien buiten het tuinseizoen zou vallen. Als je dat goed en op tijd in je planning meeneemt kun je de overlast voor mensen beperken, zonder dat je project er schade van oploopt. Kleine gebaren en persoonlijk contact vind ik erg belangrijk. Ook bij de Betuweroute was dat zo. Aan de gesprekken aan de keukentafel, bijvoorbeeld bij mensen die onteigend moesten worden, heb ik goede herinneringen.”

In de opkamer

Wat betreft de omgeving van zijn projecten heeft hij een bijzondere, persoonlijke herinnering uit zijn tijd bij de Hanzelijn. De aanleiding was een zeer tragisch ongeval waarbij een oudere man van rond de tachtig om het leven kwam door een achteruit rijdende shovel. “Deze man kwam elke dag op zijn fiets kijken naar het werk. Die dag is hij door de afsluitingen gereden en verongelukt.” Jaap woonde de uitvaart bij en ging meerdere keren naar de boerderij waar de overledene woonde met zijn oudere broer. “Het was de boerderij van hun ouders, ze waren er nooit weggegaan. Je ging er terug in de tijd. Een maand na de uitvaart ben ik nog eens teruggeweest en sprak een paar uur met de familie die allemaal in de opkamer zaten, in hun nette pak. Ze vroegen of ze van ProRail ook een rekening kregen voor schade want ze hadden net een gespecificeerde rekening van de gemeente ontvangen voor het schoonspuiten van de weg en de lijkzak. Daar schrok ik van, maar blijkbaar gaat dat zo. Ik heb die mensen direct toegezegd dat ze van ProRail geen rekening zouden ontvangen. Het gaat erom hoe je met mensen omgaat. Daar heb ik het ook over met mijn team.”

Kennis én affiniteit met de inhoud

Wat is zijn visie op het vak van projectmanager anno 2016? “Ik wil dit vak niet bagatelliseren maar het blijft ook gewoon werk. Lastig werk want enerzijds wordt verwacht dat je het boegbeeld bent en het voortouw neemt in een project. Anderzijds zou het soms wel goed zijn als projectmanagers zich wat kwetsbaarder zouden opstellen en zeggen: ‘Ik weet ook niet alles.’” Wat hij wel belangrijk vindt is dat projectmanagers voldoende kennis en affiniteit hebben met de inhoud van het werk. Een ander belangrijk inzicht voor Jaap Balkenende: er zijn meerdere wegen die naar Rome leiden. “Ik doe dit werk met mijn eigenschappen, iemand anders kan met zijn karakter op een totaal andere manier ook hele goede resultaten behalen. Je moet goed weten: wie ben ik zelf, hoe zit ik in elkaar? Dichtbij jezelf blijven is erg belangrijk. En leren dat je niet alles kan. Je moet wel een paar dingen kunnen maar je hoeft niet overal sterk en goed in te zijn.”

 

Reacties

  1. Interessant artikel … smaakt naar meer!

Geef je reactie

PHS Meteren-Boxtel sluit aan – Het eerlijke verhaal blijven vertellen

2-10-2017

Tussen Meteren en Boxtel moeten meer reizigers- en goederentreinen gaan rijden. Project PHS Meteren – Boxtel van ProRail, realiseert de aanpassingen op het spoor, waaronder een deels verdiepte ligging in Vught. Ton Bierbooms en zijn team sluiten aan bij Neerlands diep en vertellen over hun uitdagingen en ambities.

Neerlands diep genomineerd voor Academie van het jaar 2017

29-09-2017

Neerlands diep is door de NSCU (Nederlandse Stichting voor Corporate Universities) genomineerd voor Academie van het jaar 2017. Naast Neerlands diep zijn er nog drie andere genomineerde waaronder RIVM en De Nederlandse Bank. Op dinsdag 3 oktober is de uitreiking van deze award. Wij kijken er met gezonde spanning naar uit. 

Nd Webinar Tech terugkijken: Bruggen bouwen bij een tunnelproject

14-09-2017

Ook bij het managen van een project met een grote ICT-component draait het vooral om de menskant. Dat bleek tijdens het webinar op dinsdag 5 september over de uitdagingen die tunneltechnische installaties (TTI) en industriële automatisering (IA) stellen aan een project. Hoe zorg je bijvoorbeeld dat mensen met een civieltechnische en een ICT-achtergrond samenwerken met elkaar? Technisch manager TTI Ewald van Dorst van Rijkswaterstaat en zijn counterpart bij consortium IXAS Aris van Erkel vertelden over de aanpak bij het project A9 Gaasperdammerweg.