24 uur online: wie bedacht de opdracht?

  • 04 maart 2014
  • Steven van Luipen

Het complexe vraagstuk waarover de deelnemers zich 24 uur lang buigen komt niet uit de lucht vallen. Het onderwerp en de inhoud is via het netwerk tot stand gekomen. Een van de meedenkers aan de te kraken kenniscase is Mieke Hoezen, senior adviseur Inkoopprocesmanagement bij Rijkswaterstaat.

Mieke Hoezen

Mieke Hoezen

Mieke, waarom is het onderwerp ‘samenwerken met overheden’?

“Het is actueel, heeft grote maatschappelijke impact en alle projectteams die ermee te maken hebben, kunnen we van elkaars ervaringen veel leren. In een dichtbebouwd land als Nederland moeten ministeries, uitvoeringsorganisaties, waterschappen, provincies en gemeenten intensief met elkaar samenwerken. Voor buitenstaanders is het vaak onbegrijpelijk waarom overheden tegen elkaar in lijken te werken in plaats van samen. Hoe kan het nu dat Rijkswaterstaat een project start in een gemeente, maar dat die sommige vergunningen weigert te verlenen? Het is toch allemaal overheid die het algemeen belang dient? Op verjaardagsfeestjes kan ik maar moeilijk verkopen dat vertraging in projecten veroorzaakt wordt door onduidelijke afspraken tussen overheden, die de samenleving geld kosten.”

Wat merk je daarvan zelf in je werk?

“Mijn collega’s en ik werken continu aan een efficiënter inkoop- en contractmanagementproces. Enerzijds komt dat neer op standaardisatie, anderzijds op projectspecifieke oplossingen. De samenwerking met overheden maakt dat we minder kunnen standaardiseren dan wanneer we puur van de projecten uit zouden kunnen gaan. Samenwerking vraagt altijd maatwerk, en dat kost veel tijd en energie. Een aanzienlijk deel van de uitvoeringsproblemen in projecten komt voort uit onduidelijke afspraken tussen overheden in eerdere fases. Het is verspilling die we alleen kunnen aanpakken door in een nog vroeger stadium heldere afspraken te maken. De kennis die we in dat proces uitwisselen helpt mij in mijn taak, en kan voor andere projectteams van grote waarde zijn om uitloop te helpen voorkomen.”

Hoe kan online kennisdelen helpen om complexe vraagstukken op te lossen?

“Het staat of valt bij de vorm. Een verhaal zegt veel meer dan een pak papier. Een enorme misser in een project belichten komt veel beter aan dan protocollen en leidraden vind ik. Volgens mij kun je heel goed contact leggen via sociale media, en je kennis vervolgens telefonisch of via e-mail uitwisselen. Ik zie mijzelf als een echte netwerker, maar ik denk dat iedereen kan leren van anderen via het web en sociale media, op een snelle en leuke manier. Zelf moet ik mijn weg er nog in vinden. Goede tweets schrijven is moeilijk, en Yammer kost me relatief veel tijd. LinkedIn zie ik meer als een visitekaartjesbak dan een kennisuitwisselmedium. Skype heb ik dankzij de voorbereidingen voor 24 online kennisdelen echt leren kennen als een prettig medium. Na 13 en 14 maart hoop ik wat meer thuis te raken op andere kanalen.”

Hoe doe jij die dagen mee?

“Ik ga volgen wat de zes in de Beurs doen, via Twitter en de livestream. Als mij dan collega’s te binnen schieten die van dienst kunnen zijn, maak ik hen of de deelnemers er attent op. Ik wil liefst de hele nacht online zijn, ben benieuwd of dat gaat lukken. Als de deelnemers op stoom zijn, dan moet dat geen probleem zijn.”

Volg Mieke ook op LinkedIn en Twitter!

Reageer

Ook interessant

  • Nieuws
  • Nd Zomergast On Tour 2020

Heb jij de onlinesessies van de afgelopen Nd Zomergast On Tour gemist? Lees de synthese van professor André Dorée van de Universiteit Twente terug.

lees meer
  • Nieuws
  • ‘Participatie is serious business’

Het project Oostvaardersoevers beleeft eind juni een dubbele primeur: het is onderwerp van de eerste Nd Participatie Spiegel én van de eerste online Nd Spiegel van Neerlands diep. In drie korte sessies halen het omgevingsteam van het project en collega spiegelaars van andere projecten en organisaties veel nuttige adviezen en verbeterpunten op.

lees meer
  • Nieuws
  • Online leren in tijden van corona – en daarna

Neerlands diep draaide in coronatijden door. We schakelden vanaf medio maart in korte tijd over naar zo veel mogelijk onlineactiviteiten, raakten gewend aan het online faciliteren en leerden wat wel en niet online werkt. Voorlopig blijven we veel online werken en vallen we alleen terug op face-to-face als het echt nodig is. We ontwikkelen ons online repertoire intussen door en breiden onze gereedschapskist voor online leren gestaag uit. En we bouwen verder aan een toekomstvast en adaptief ontwerp van ons totaalprogramma, ook voor de periode na corona.

lees meer