Databank helpt het onverwachte beter voorspellen

  • 09 april 2015
  • Jenny Kamstra

Veel grote infrastructuurprojecten worden duurder opgeleverd dan ze gepland zijn. Om de achterliggende oorzaken daarvoor te onderzoeken, is volgens Thomas Neijenhuis een databank nodig. Hij schreef er zijn scriptie over aan de TU Delft, in samenwerking AT Osborne en Neerlands diep.

database

Wat is de achterliggende reden voor het gegeven dat grote infrastructuurprojecten vaak duurder worden opgeleverd dan gepland? Dat is een vraag die academici, beleidsmakers en opdrachtgevers al jaren bezig houdt. Zo ook Thomas Neijenhuis, die voor zijn afstuderen aan de opleiding Construction Management and Engineering aan de Technische Universiteit Delft een antwoord zocht op deze vraag. Vanuit de TU Delft werd hij hierin begeleid door prof. dr. ir Marcel Hertogh, dr.ir. Marian Bosch-Rekveldt en drs. Martijn Leijten. Zijn onderzoeksrapport is nu te vinden in de bibliotheek op deze website.

Waarom weten we nog steeds niet waarom infrastructuurprojecten vaak anders verlopen?

“Eigenlijk weten met z’n allen heel veel van deze projecten. Het probleem is echter dat iedereen maar een klein deeltje weet, hooguit van de projecten waar mensen zelf aan gewerkt hebben. Om te achterhalen waarom infrastructuurprojecten duurder opgeleverd worden dan gepland, is het noodzakelijk om die projecten naast elkaar te leggen en met elkaar te vergelijken. Hiervoor moet je dus eerst alle kennis bij iedereen ophalen. Pas daarna kun je, op basis van de vergelijking, lessen trekken voor de toekomst.”

Hoe deel je alle Nederlandse infrastructuurkennis het beste met elkaar?

“Daarvoor is een databank nodig waarin je op een uniforme en objectieve manier projecten vastlegt, want projecten zijn nu moeilijk met elkaar te vergelijken. Dat concludeer ik op basis van interviews bij ProRail en Rijkswaterstaat. Overigens is zo’n databank geen heilige graal, want natuurlijk leer je niet alleen door je project te verantwoorden en daar lessen uit te halen, maar ook door ervaring op te doen en met mensen van andere projecten te praten. Wel denk ik dat een databank een hulpmiddel kan zijn om onderzoek te doen naar het verloop van projecten en daarmee toekomstige projecten beter kan laten verlopen.”

Hoe helpt een databank bij toekomstige projecten?

“Het grootste deel van de kostenoverschrijdingen is te verklaren door een klein aantal gebeurtenissen, die per project verschillen. Bijvoorbeeld een ontwerpwijziging of omdat grond sterker vervuild blijkt dan bij het ontwerp is aangenomen. Het nut van de databank is dat je leert om die gebeurtenissen minder onverwacht te laten zijn. Zodat je als project kunt anticiperen en de toekomst beter voorspelbaar wordt.”

Wie zouden jouw afstudeerrapport met meer informatie moeten lezen?

“Mensen die politiek verantwoordelijk zijn voor wat wordt gerealiseerd. Maar ook beleidsmakers en adviseurs bij ministeries. Ik hoop dat zij beginnen met het optuigen van een databank. Hierbij zou ik starten binnen een specifiek domein, zoals wegverbreding of stationsvernieuwing. Als je klein begint, is het behapbaar en creëer je snel transparantie over de grootste onzekerheden.”

Reageer

Ook interessant

  • Nieuws
  • Nd Zomergast On Tour 2020

Heb jij de onlinesessies van de afgelopen Nd Zomergast On Tour gemist? Lees de synthese van professor André Dorée van de Universiteit Twente terug.

lees meer
  • Nieuws
  • ‘Participatie is serious business’

Het project Oostvaardersoevers beleeft eind juni een dubbele primeur: het is onderwerp van de eerste Nd Participatie Spiegel én van de eerste online Nd Spiegel van Neerlands diep. In drie korte sessies halen het omgevingsteam van het project en collega spiegelaars van andere projecten en organisaties veel nuttige adviezen en verbeterpunten op.

lees meer
  • Nieuws
  • Online leren in tijden van corona – en daarna

Neerlands diep draaide in coronatijden door. We schakelden vanaf medio maart in korte tijd over naar zo veel mogelijk onlineactiviteiten, raakten gewend aan het online faciliteren en leerden wat wel en niet online werkt. Voorlopig blijven we veel online werken en vallen we alleen terug op face-to-face als het echt nodig is. We ontwikkelen ons online repertoire intussen door en breiden onze gereedschapskist voor online leren gestaag uit. En we bouwen verder aan een toekomstvast en adaptief ontwerp van ons totaalprogramma, ook voor de periode na corona.

lees meer