“Het voelde als een cadeautje.” Met die woorden vatte een van de deelnemers de ervaring van Teamleren samen. Vier bijeenkomsten, verspreid over een jaar, waarin drie projectteams elkaar ontmoetten, samen leerden en elkaar gaandeweg inspireerden. Wat startte als een programma, groeide uit tot een betekenisvolle reis die ruimte gaf aan ontwikkeling, vakmanschap én menselijkheid.
Aan deze reis namen deel: Draaibruggen Den Oever onder leiding van Maarten Beer van Rijkswaterstaat, Kempkensberg II met Margreet Srowig en Mark Dunnebacke van Rijksvastgoedbedrijf, en Cruciale Mijl met Edwin Meisner van Gemeente Amsterdam.
Het team van Cruciale Mijl sloot aan onder de bezielende leiding van Michael van de Paverd. Hij vond het belangrijk dat zijn team meedeed: om te investeren in onderlinge verbondenheid en om te leren van collega-projectteams. Kort na de eerste bijeenkomst overleed Michael onverwacht. Binnen Teamleren hebben we dit verlies samen gedragen en een plek gegeven. In Edwin, die Michael goed kende, vond het team een nieuwe projectleider die met kennis, compassie en zorg de bedding herstelde en het werk verder wist te dragen.
Een omgeving waarin echte gesprekken ontstaan
De begeleiders van het programma, Jaap Verhoeven en Wendy Blankert, benadrukken het telkens weer: goede gesprekken ontstaan niet vanzelf. Je moet er ruimte voor maken. En precies dát gebeurde. De zorgvuldig gekozen locaties – van Makkum tot Castricum – boden rust, afstand van de dagelijkse hectiek en een setting waarin deelnemers zich vrij voelden om te delen wat er écht speelde.
“Je vertraagt er vanzelf,” vertelde een deelnemer. “En juist daardoor ontstaan die gesprekken die je op kantoor nooit voert.”
Leren van elkaar: herkenning en nieuwe perspectieven
Een van de grootste verrassingen voor de deelnemers was hoeveel herkenning er was tussen teams. Of het nu ging om complexe besluitvorming, wisselingen in teamsamenstelling of omgaan met de omgeving: overal bleken dezelfde vraagstukken te spelen.
De reflectiewandelingen, de gesprekken in kleine groepjes en de uitwisseling tussen rolhouders werden als bijzonder waardevol ervaren. “Het is zó fijn om met gelijkgestemden uit andere projecten te praten,” zei een projectmanager. “Je merkt dat je niet de enige bent die tegen bepaalde dingen aanloopt.”
Projectbezoeken die blijven hangen
De projectbezoeken vormden een geliefd onderdeel van het programma. Van de Afsluitdijk tot de Kempkensberg en de Cruciale Mijl in Amsterdam: deelnemers kregen een kijkje in elkaars wereld. Soms technisch, soms organisatorisch, altijd inspirerend.
“Het geeft context,” vertelde iemand. “Je ziet de opgave waar een ander voor staat, en dat maakt het gesprek meteen rijker.”
Een startmotor voor teamontwikkeling
Voor sommige teams kwam Teamleren precies op het juiste moment. Na wisselingen in samenstelling of veranderingen in de opgave bood het programma structuur om opnieuw te bepalen wie ze zijn en hoe ze willen samenwerken. Het teamwiel, het teamcanvas en de begeleide reflecties hielpen om scherpte te krijgen.
“Het heeft echt iets in gang gezet,” zei een deelnemer. “We hebben nu concrete afspraken en een gezamenlijke taal.”
En nu?
De vraag of teams nog eens zouden deelnemen, leverde een genuanceerd beeld op. De meesten zien zeker de waarde, maar benadrukken dat er tijd tussen moet zitten om herhaling te voorkomen. Wel leeft sterk de wens om met andere teams in contact te blijven en ervaringen te blijven delen.
Een programma dat raakt
Voor de begeleiders was het opnieuw bijzonder om te zien wat er kan ontstaan wanneer mensen de tijd nemen om echt met elkaar in gesprek te gaan.
“Je creëert een container waarin het mogelijk wordt,” zei een van hen. “En dan gebeuren er dingen die anders nooit waren gebeurd.”
Teamleren bewees dit jaar opnieuw dat investeren in reflectie, verbinding en vakmanschap niet alleen waardevol is, maar essentieel voor sterke projectteams.